Vertraging in de Gelderse energiestrategie: wat zijn de gevolgen?

Provinciale Staten van Gelderland constateren dat we de ambities van de Regionale Energie Strategie (RES) voor 2030 niet gaan halen. Die RES gaat over meer windmolens en meer zonneparken. Maar heeft het wel zin om nog meer windturbines en zonnepanelen te plaatsen in Gelderland?

Kunnen we al onze energie uit alleen wind en zon halen?

Om dit te bepalen moeten we eerst kijken naar het verschil tussen vermogen en arbeid:

  • Vermogen : hoeveel energie je op één moment kunt opwekken (bijv. 10 MW).
  • Arbeid : hoeveelheid energie die je in een uur kunt leveren (bijv. 10 MWh).

Een windmolen van 10 MW kan dus in een uur 10 MWh maken, maar alleen als het hard waait. Bij weinig wind levert die veel minder en zonder wind helemaal niets. Zonnepanelen werken alleen als de zon schijnt. Ze zijn allebei niet regelbaar. We kunnen ze niet aanzetten wanneer wij stroom nodig hebben. Je kunt ze alleen maar uitzetten als er meer wordt opgewekt dan verbruikt. Als we voor onze energievoorziening alleen vertrouwen op windmolens en zonnepanelen, krijgen we alleen stroom als het waait en de zon schijnt.

Kunnen we de stroom van windmolens en zonnepanelen opslaan?

Als er te weinig energie wordt verbruikt, moeten windmolens worden stopgezet. Anders ontstaat er “file” op het elektriciteitsnet. Dat noemen we netcongestie. Je kunt overtollige stroom opslaan in hele grote accu’s of omzetten in waterstof, maar:

  • Dat is erg duur.
  • De benodigde capaciteit is niet beschikbaar.
  • Er gaat veel energie verloren bij het opslaan en weer terug verbruiken ervan.
Hoeveel stroom verbruikt Gelderland in een jaar?

Gelderland verbruikt per jaar ongeveer 35 miljard kWh (35 TWh). Als we het hele jaar continue evenveel energie zouden verbruiken, hadden we maar 4.000 MW (4 GW) aan opgesteld vermogen (elektriciteitscentrales) nodig. Maar dat doen we niet:

  • ’s Nachts is het verbruik laag.
  • ’s Ochtends rond 7 uur en ’s avonds rond 18 uur is er een piek in het verbruik.

Tijdens die pieken hebben we meer opwekvermogen nodig. Het continue verbruik noemen we de baseload. Bij een piekverbruik, heb je een energiebron nodig die je snel harder of zachter kunt laten draaien als er meer of minder stroom nodig is.

Hoeveel energie kan je maximaal met wind en zon opwekken?

Nederland heeft in totaal een vermogen van ongeveer 20.000 MW aan elektriciteitscentrales. Samen leverden die per jaar 71 miljard kWh (71 TWh). We verbruiken per jaar 120 TWh. We hebben ook nog 11.713 MW aan windmolens. Meer dan de helft van het opgestelde vermogen van energiecentrales. Maar al die windmolens maken samen maar 23 miljard kWh (23 TWh) per jaar. Dat is nog geen 20% van wat we ieder jaar verbruiken. We hebben 28.626 MW aan zonnepanelen. Die leveren 21.8 miljard KWh. Ook bijna 20%. Dus 40% van ons energieverbruik wordt opgewekt door wind en zon.

Daarbij moet worden opgemerkt dat het elektriciteitsverbruik vooral piekt in de ochtend- en avonduren, terwijl zonne-energie uitsluitend overdag beschikbaar is en windproductie sterk varieert. Extra windmolens en zonnepanelen vergroten daarom vooral het aanbod op momenten dat de vraag relatief laag is, terwijl zij slechts beperkt bijdragen tijdens piekuren – en alleen wanneer de weersomstandigheden gunstig zijn.

Zonder voldoende regelbaar vermogen, zoals gas- of kolencentrales (of grootschalige opslag), ontstaat bij windstil weer en in de avonduren een reëel risico op tekorten en stroomuitval. Dit is geen bangmakerij, maar een technisch gevolg van de huidige eigenschappen van het elektriciteitssysteem.

Wanneer Nederland daadwerkelijk wil overstappen op een CO₂-vrije elektriciteitsvoorziening, impliceert dit dat naast wind en zon ook stabiele, grootschalige en CO₂-arme bronnen noodzakelijk zijn. Vanuit dat perspectief vormt kernenergie een logische en moeilijk te vermijden pijler binnen een robuuste en betrouwbare toekomstige energievoorziening.

Wat betekent dit voor de energietransitie? 

Dat de RES-doelen in Gelderland niet worden gehaald, kan ook anders worden geïnterpreteerd: het maakt zichtbaar dat wind- en zonne-energie, zelfs bij optimale inzet, niet voldoende zijn om de volledige energietransitie te dragen. Zij kunnen een belangrijk deel van de elektriciteitsvraag dekken, maar nooit volledig. Daarvoor zijn aanvullende vormen van regelbaar vermogen noodzakelijk: energiebronnen die op elk moment inzetbaar zijn wanneer de vraag daarom vraagt, zoals gascentrales, kolencentrales of kerncentrales.

Kort samengevat

Met wind en zon is het praktisch bruikbare maximum grotendeels bereikt. Extra windmolens zullen vaak stilstaan en nieuwe zonnepanelen zullen regelmatig moeten worden afgeschakeld vanwege overproductie. Tegelijkertijd kunnen deze bronnen niet snel genoeg opschalen tijdens piekmomenten in de ochtend en avond, wanneer de elektriciteitsvraag het hoogst is.

Meer wind- en zonneparken vergroten daardoor vooral de kosten van het systeem, zonder dat zij evenredig bijdragen aan de leveringszekerheid. Zonder voldoende regelbaar vermogen neemt het risico op tekorten en stroomuitval toe, met directe gevolgen voor huishoudens, bedrijven en vitale infrastructuur.

Als Nederland serieus wil overstappen op een CO₂-vrije elektriciteitsvoorziening, is tijdige investering in alternatieven onvermijdelijk. De bouw van kerncentrales vergt meerdere jaren, al kunnen, net als bij windprojecten, vergunningprocedures worden versneld. Hoe langer deze keuzes worden uitgesteld, hoe langer Nederland afhankelijk blijft van gas, kolen en biomassacentrales, waaronder centrales die draaien op geïmporteerd of gekapt hout.

Ing. Ron Rietjens, Fractievolger JA21 Gelderland